zevenhonderdéénendertig augustus tweeduizendvijftien

En ik bleef maar tellen

vanaf dertig en daarbij

vertelde ik me al regelmatig

probeerde deze stad niet

in getallen maar in talen

te bevatten ik begon op dertig

augustus tweeduizendvijftien

dat was wel zo gemakkelijk

en vanaf daar telde ik door

heel monomaan ik draaide

met de wereld mee was wreed

waar zij wreed was bovenal bang

voor mijn eigen hachje beetje boze

blanke man ik raakte stilaan uit de

tijd maar ik tel en vertel door het

is nu zevenhonderdéénendertig

augustus tweeduizendvijftien

iets zegt me dat mijn langste tijd

eropzit de klok telt rustig straks

mag ik me terugtrekken in de

herinnering tot ook daar niet

meer geschiedenis zal me

beoordelen en mensen

zullen weldra zeggen

hij was ooit dichter

hij was ooit

hij was.